DLPA

Terug

Expertises:

Handelsrecht ,

Privaat bouwrecht en aanneming ,

Overheidsopdrachten

Als een contractspartij haar contractuele verplichting(en) niet nakomt, begaat zij in principe een contractuele wanprestatie waarvoor zij aansprakelijk is. Zij kan zich niettemin van haar aansprakelijkheid bevrijden als zij kan bewijzen dat zij door overmacht wordt verhinderd om haar contractuele prestatie(s) uit te voeren.

Veel ondernemingen zullen zich in deze corona-tijden de vraag stellen of zij zich rechtsgeldig op overmacht kunnen beroepen en of hun tegenpartij terecht overmacht opwerpt.

Contractuele vrijheid

Eerst en vooral zal moeten worden nagaan wat overeengekomen is in het contract tussen de partijen en in de van toepassing zijnde algemene voorwaarden. Behalve in enkele uitzonderlijke gevallen (bv. t.a.v. consumenten) kan immers volledig vrij contractueel worden bepaald in welke mate overmacht kan worden ingeroepen, wat de gevolgen zijn en wie welk risico draagt. Zo kan er bijvoorbeeld bedongen worden dat overmachtssituatie die zich voordoet bij een onderaannemer, niet als overmacht wordt aanvaard in de relatie opdrachtgever-hoofdaannemer.

Als er contractueel niets is bedongen, of als het contract niet voldoende antwoorden biedt, dan moet verder bekeken worden of aan de voorwaarden van overmacht is voldaan.

Voorwaarden overmacht

Overmacht is een situatie waarbij:

  • de nakoming van een verbintenis onmogelijk is geworden;
  • door omstandigheden die niet te wijten zijn aan een fout van de schuldenaar en die voor hem onvoorzienbaar en onoverkomelijk waren.

Als het louter moeilijker of duurder wordt om de verbintenis uit te voeren, maakt dit geen overmacht uit. De uitvoering moet dus effectief onmogelijk geworden zijn. Er mag met andere woorden geen (redelijk) alternatief voorhanden zijn.

Toegepast op de huidige omstandigheden betekent dit dat de uitvoering van sommige verbintenissen effectief onmogelijk zal zijn omwille van bijvoorbeeld een door de overheid bevolen sluiting van een bedrijf (Ministerieel Besluit van 18 maart 2020). Anderzijds kan een onderneming in principe geen overmacht inroepen als zij mits het nemen van de nodige maatregelen (thuiswerken, alternatieve organisatie van het bedrijf waarbij ‘social distancing’ gewaarborgd blijft, vervangen van zieke personeelsleden, inschakelen van derde partijen, …) haar activiteiten wel nog kan verderzetten. De vrije keuze van een onderneming om tijdelijk te sluiten, terwijl dit niet noodzakelijk is, zal dus geen overmachtssituatie uitmaken.

Verder is het ook relevant of ten tijde van de contractsluiting de coronacrisis al dan niet voorzienbaar was. Indien dat het geval was, bijvoorbeeld bij recent gesloten overeenkomsten, dan moest de zich verbindende partij de nodige maatregelen nemen, het risico incalculeren of desnoods afzien van contracteren als zij kon voorzien dat zij haar verbintenis(sen) niet zou kunnen nakomen

Gevolgen

De schuldenaar die meent bevrijd te zijn door overmacht, moet zo snel mogelijk en gemotiveerd zijn contractspartij op de hoogte brengen.

Als er sprake is van overmacht in deze tijden, zal het meestal enkel tijdelijk onmogelijk zijn om een bepaalde verbintenis uit te voeren. Dan wordt de uitvoering tijdelijk geschorst tot de uitvoering kan worden hervat. Let wel, enkel de onmogelijk geworden verbintenis en de tegenprestatie daarvan worden geschorst, voor het overige blijft de overeenkomst verder bestaan.

Is de uitvoering echter definitief onmogelijk geworden of heeft een uitgestelde uitvoering van de overeenkomst geen nut meer, dan gaat de overeenkomst teniet voor de toekomst. Dan zal de tegenprestatie voor de onmogelijk geworden prestatie, vaak een betalingsverbintenis, eveneens vervallen, en soms (gedeeltelijk) moeten worden terugbetaald. Wie welke kosten finaal ten laste moet nemen hangt af van verschillende factoren waaronder de aard en het voorwerp van de overeenkomst.

Als de overeenkomst nog gedeeltelijk kan worden uitgevoerd, dan zullen de partijen zich daarvoor moeten inspannen. De partijen moeten immers de schade zo veel mogelijk beperken.

Besluit

De coronacrisis vormt dus niet steeds een overmachtssituatie en is geen vrijbrief om lopende overeenkomsten zomaar te schorsen of te beëindigen.

Een grondige studie van de concrete omstandigheden en contractuele bepalingen – waarbij vaak ook nog rekening moet worden gehouden met bijzondere wetgeving – zal noodzakelijk zijn om te analyseren of overmacht kan worden ingeroepen en wat daar de gevolgen van zijn.

Het is uiteraard mogelijk om met uw contractspartij concrete afspraken te maken over hoe het verder moet in deze bijzondere omstandigheden, maar spreek dan dan zeker ook af wanneer de normale contractuele plichten ‘herleven’, zodat daar nadien geen discussies over rijzen.

Contacteer ons gerust als u verdere vragen heeft over overmacht in het algemeen of in uw concrete situatie.

DELEN:

Schrijf u hier in op onze nieuwsbrief

Recent nieuws

Meldingsplicht tijdelijke werkloosheid

Opgelet: meldingsplicht vanaf 13 juli 2020 bij tijdelijke werkloosheid overmacht wegens Covid-19

13/07/2020 - Zoals wij reeds meedeelden in onze nieuwsbrief van 1 april 2020 besliste de federale regering op 20 maart 2020 (met retroactieve werking vanaf 13 maar...

LEES MEER
Nieuwsbrief schorsing opzeggingstermijn

Nieuwe wet regelt schorsing van de opzeggingstermijn door corona-werkloosheid

23/06/2020 - Gisteren 22 juni 2020 is in het Belgisch Staatsblad de wet van 15 juni 2020 gepubliceerd die bepaalt dat de opzeggingstermijn die door een werkgever w...

LEES MEER

Deze website maakt gebruik van cookies.

Wijzig je hier je cookie voorkeur.

Privacyverklaring



Deze site maakt gebruikt van cookies zoals beschreven staat in onze privacyverklaring. Hier kan je de cookies wijzigen of alle cookies aanvaarden door op OK te klikken